Getal & Ruimte (12e editie) - havo wiskunde A

'Statistische variabelen'.

havo wiskunde A 2.2 Data verzamelen

Statistische variabelen (7)

opgave 1

Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe.

2p

a

Een manager van een kledingwinkel is bezig met de inkoop voor het nieuwe seizoen. Daarom heeft hij een maand lang, van ieder kledingstuk dat hij heeft verkocht, de kledingmaat genoteerd: extra small, small, medium, large of extra large.

Klassificatie (1)
00le - Statistische variabelen - basis - 52ms

a

De variabele 'kledingmaat van kledingstuk' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt.

1p

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

b

De Nederlandse politie organiseert meerdere keren per week controleacties van fatbikes. Bij iedere actie wordt geteld hoeveel fatbikes zijn opgevoerd, bijvoorbeeld \(4\) of \(24\text{.}\)

Klassificatie (6)
00lf - Statistische variabelen - basis - 2ms

b

De variabele 'aantal opgevoerde fatbikes per controleactie' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn.

1p

De variabele is discreet, omdat niet alle tussenliggende waarden mogelijk zijn. Zo is \(9{,}9\) geen mogelijke waarde voor het aantal opgevoerde fatbikes.

1p

2p

c

Het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) in Heerlen houdt van alle in Nederland verkochte nieuwe auto's bij wat het merk is, bijvoorbeeld Kia of Dacia.

Klassificatie (2)
00lj - Statistische variabelen - basis - 1ms

c

De variabele 'merk van in Nederland verkochte auto' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt.

1p

De variabele is nominaal, omdat er geen logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

d

In een enquête wordt gevraagd naar het aantal auto's per huishouden: 0, 1, 2 of '3 of meer'.

Klassificatie (3)
00lk - Statistische variabelen - basis - 0ms

d

De variabele 'aantal auto's per huishouden' is kwalitatief, omdat de laatste waarde ('3 of meer') geen getal is; je kunt er immers niet mee rekenen.

1p

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

opgave 2

Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe.

2p

a

In een onderzoek van de ANWB wordt gevraagd naar het lidmaatschapnummer van de respondent, bijvoorbeeld 31203 of 42670.

Klassificatie (4)
00ll - Statistische variabelen - basis - 0ms

a

De variabele 'lidmaatschapnummer van ANWB-lid' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar getallen zijn maar geen hoeveelheid aangeven; je zult bijvoorbeeld ook nooit de gemiddelde waarde berekenen.

1p

De variabele is nominaal, omdat de waarden willekeurig zijn toegekend (met als enige doel om het ANWB-lid te kunnen identificeren) en er dus geen logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

b

Op de website booking.com kan een gast van een hotel met een aantal sterren aangeven hoe het hotel bevallen is: ☆, ☆☆, ☆☆☆, ☆☆☆☆ of ☆☆☆☆☆.

Klassificatie (5)
00lm - Statistische variabelen - basis - 0ms

b

De variabele 'beoordeling van hotel' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar een aantal voorstellen, maar een mening weergeven en dus niet objectief meetbaar zijn (het is een schaalvraag).

1p

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

c

Op de kraamafdeling van het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht wordt van pasgeboren baby's het gewicht bijgehouden, bijvoorbeeld \(3\,538\) of \(4\,559\) gram.

Klassificatie (7)
00na - Statistische variabelen - basis - 0ms

c

De variabele 'geboortegewicht van baby in gram' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn.

1p

De variabele is continu, omdat alle tussenliggende hoeveelheden gemeten zouden kunnen worden.

1p

"