Getal & Ruimte (12e editie) - havo wiskunde A
'Statistische variabelen'.
| havo wiskunde A | 2.2 Data verzamelen |
opgave 1Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe. 2p a Bij een enquête onder 16-jarigen wordt gevraagd naar de opleiding: VMBO, HAVO of VWO. Klassificatie (1) 00le - Statistische variabelen - basis - 41ms a De variabele 'opleiding van 16-jarige' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt. 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p b Aan de leerlingen van 2v is gevraagd hoeveel huisdieren ze hebben, bijvoorbeeld \(0\) of \(1 \text{.}\) Klassificatie (6) 00lf - Statistische variabelen - basis - 1ms b De variabele 'aantal huisdieren per huishouden' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn. 1p ○ De variabele is discreet, omdat niet alle tussenliggende waarden mogelijk zijn. Zo is \(4{,}7\) geen mogelijke waarde voor het aantal huisdieren. 1p 2p c In een vragenlijst over openbaar vervoer wordt gevraagd naar de woonplaats van de respondent, bijvoorbeeld Apeldoorn of Haarlemmermeer. Klassificatie (2) 00lj - Statistische variabelen - basis - 0ms c De variabele 'gemeente van respondent' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt. 1p ○ De variabele is nominaal, omdat er geen logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p d In een vragenlijst wordt gevraagd naar het aantal boterhammen dat iemand per dag eet: 0, 1, 2, 3 of '4 of meer'. Klassificatie (3) 00lk - Statistische variabelen - basis - 0ms d De variabele 'aantal boterhammen per persoon' is kwalitatief, omdat de laatste waarde ('4 of meer') geen getal is; je kunt er immers niet mee rekenen. 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p opgave 2Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe. 2p a In een onderzoek van de ANWB wordt gevraagd naar het lidmaatschapnummer van de respondent, bijvoorbeeld 18056 of 32203. Klassificatie (4) 00ll - Statistische variabelen - basis - 0ms a De variabele 'lidmaatschapnummer van ANWB-lid' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar getallen zijn maar geen hoeveelheid aangeven; je zult bijvoorbeeld ook nooit de gemiddelde waarde berekenen. 1p ○ De variabele is nominaal, omdat de waarden willekeurig zijn toegekend (met als enige doel om het ANWB-lid te kunnen identificeren) en er dus geen logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p b Op de wandelwebsite walkhighlands.com wordt met behulp van een aantal wandelschoentjes aangegeven hoe zwaar de verschillende wandelingen in de Schotse hooglanden zijn: 🥾, 🥾🥾, 🥾🥾🥾, 🥾🥾🥾🥾 of 🥾🥾🥾🥾🥾. Klassificatie (5) 00lm - Statistische variabelen - basis - 0ms b De variabele 'moeilijkheidsgraad van wandeling' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar een aantal voorstellen, maar een mening weergeven en dus niet objectief meetbaar zijn (het is een schaalvraag). 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p c Bij het aanvragen van een identiteitsbewijs wordt de lengte van de aanvrager vastgelegd, bijvoorbeeld \(171{,}6\) of \(187{,}4\) centimeter. Klassificatie (7) 00na - Statistische variabelen - basis - 0ms c De variabele 'lengte van persoon in cm' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn. 1p ○ De variabele is continu, omdat alle tussenliggende hoeveelheden gemeten zouden kunnen worden. 1p |