Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B
'Lijnen en hun onderlinge ligging'.
| vwo wiskunde B | 4.vk Stelsels lineaire vergelijkingen |
opgave 1De lijnen \(k{:}\,x + 2 y = 2\) en \(l{:}\,5 x + 4 y = 1\) snijden elkaar in het punt \(S \text{.}\) 4p Bereken de coördinaten van \(S \text{.}\) SnijpuntVanTweeLijnen (1) 00bs - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - midden - 199ms - data pool: #928 (199ms) ○ \(\begin{cases}x + 2 y = 2 \\ 5 x + 4 y = 1\end{cases}\) \(\begin{vmatrix}2 \\ 1\end{vmatrix}\) geeft \(\begin{cases}2 x + 4 y = 4 \\ 5 x + 4 y = 1\end{cases}\) 1p ○ Aftrekken geeft \(-3 x = 3\) dus \(x = -1 \text{.}\) 1p ○ \(\begin{rcases}x + 2 y = 2 \\ x = -1\end{rcases} \begin{matrix}1 ⋅ -1 + 2 y = 2 \\ 2 y = 3 \\ y = 1\frac{1}{2}\end{matrix}\) 1p ○ Dus \(S (-1 , 1\frac{1}{2}) \text{.}\) 1p opgave 2De lijnen \(k{:}\,2 x - y = 5\) en \(l{:}\,y = -2 x - 3\) snijden elkaar in het punt \(S \text{.}\) 4p Bereken de coördinaten van \(S \text{.}\) SnijpuntVanTweeLijnen (2) 00bt - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - midden - 22ms - data pool: #484 (22ms) ○ Substitutie geeft \(2 x - 1 (-2 x - 3) = 5\) 1p ○ \(2 x + 2 x + 3 = 5\) 1p ○ \(\begin{rcases}y = -2 x - 3 \\ x = \frac{1}{2}\end{rcases} y = -2 ⋅ \frac{1}{2} - 3 = -4\) 1p ○ Dus \(S (\frac{1}{2} , -4) \text{.}\) 1p |
|
| vwo wiskunde B | 7.1 Lijnen en hoeken |
opgave 1Gegeven zijn de lijnen \(k{:}\,3 x - 6 y = 4\) en \(l{:}\,2 x + y = -5 \text{.}\) 3p Bereken de hoek tussen de lijnen \(k\) en \(l \text{.}\) Rond af op één decimaal nauwkeurig. HoekTussenTweeLijnen 00be - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - midden - 0ms ○ \(k{:}\,3 x - 6 y = 4\) omschrijven geeft \(y = \frac{1}{2} x - \frac{2}{3}\) dus \(\text{rc}_{k} = \frac{1}{2} \text{.}\) 1p ○ \(\tan(\alpha ) = \frac{1}{2}\) geeft \(\alpha = \tan^{-1}(\frac{1}{2}) = 26{,}56...\degree \text{.}\) 1p ○ \(\varphi = \alpha - \beta = 26{,}56...\degree - -63{,}43...\degree = 90\degree \text{,}\) dus de gevraagde hoek is \(90{,}0\degree \text{.}\) 1p opgave 2De lijn \(l\) gaat door het punt \(A (4 , -7)\) en is evenwijdig aan de lijn \(k{:}\,9 x - 8 y = -2 \text{.}\) 2p Stel een vergelijking op van lijn \(l\) in de vorm \(a x + b y = c \text{.}\) VergelijkingLijnOpstellenEvenwijdig 00bk - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - eind - 1ms ○ \(k \parallel l \text{,}\) dus \(l{:}\,9 x - 8 y = c \text{.}\) 1p ○ \(\begin{rcases}9 x - 8 y = c \\ \text{door } A (4 , -7)\end{rcases} c = 9 ⋅ 4 - 8 ⋅ -7 = 92\) 1p opgave 3Gegeven zijn de lijnen \(k{:}\,5 x + 4 y = 2\) en \(l{:}\,-15 x - 12 y = 6 \text{.}\) 1p Onderzoek of de lijnen samenvallen, evenwijdig zijn of snijden. OnderlingeLigging (1) 00bl - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - basis - 0ms ○ \(-\frac{5}{15} = -\frac{4}{12} ≠ \frac{2}{6} \text{,}\) dus de lijnen \(k\) en \(l\) zijn evenwijdig. 1p opgave 4Gegeven zijn de lijnen \(k{:}\,2 x - 5 y = -1\) en \(l{:}\,p x - \frac{5}{2} y = q \text{.}\) 3p Bereken voor welke \(p\) en \(q\) de lijnen evenwijdig zijn. OnderlingeLigging (2) 00rs - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - midden - 1ms ○ \({2 \over p} = {-5 \over -\frac{5}{2}} = {-1 \over q}\) 1p ○ \({2 \over p} = {-5 \over -\frac{5}{2}}\) geeft \(p = 1\) (en \({-5 \over -\frac{5}{2}} = {-1 \over q}\) geeft \(q = -\frac{1}{2} \text{)}\) 1p ○ Evenwijdig, dus \(p = 1\) en \(q\) mag elk getal zijn. 1p |
|
| vwo wiskunde B | 7.2 Afstanden bij punten en lijnen |
opgave 1De lijn \(l\) gaat door het punt \(A (4 , -5)\) en staat loodrecht op de lijn \(k{:}\,-7 x + 3 y = 9 \text{.}\) 2p Stel een vergelijking op van lijn \(l\) in de vorm \(a x + b y = c \text{.}\) VergelijkingLijnOpstellenLoodrecht 00bf - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - eind - 1ms ○ \(k \perp l \text{,}\) dus \(l{:}\,3 x + 7 y = c \text{.}\) 1p ○ \(\begin{rcases}3 x + 7 y = c \\ \text{door } A (4 , -5)\end{rcases} c = 3 ⋅ 4 + 7 ⋅ -5 = -23\) 1p |