Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B

'Vectorvoorstelling van een lijn'.

vwo wiskunde B 10.3 Vectoren en lijnen

Vectorvoorstelling van een lijn (7)

opgave 1

Gegeven zijn de punten \(A (6 , 3)\) en \(B (1 , 0) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van de lijn \(l\) door de punten \(A\) en \(B \text{.}\)

VectorvoorstellingBijLijn
00pj - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

○

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{b} - \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}1 \\ 0\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}6 \\ 3\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-5 \\ -3\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

○

\(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}6 \\ 3\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}-5 \\ -3\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

opgave 2

Gegeven is de lijn \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}7 \\ 4\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}1 \\ 3\end{pmatrix} \text{.}\)

3p

Onderzoek of het punt \(A (9 , 9)\) op \(l\) ligt.

PuntOpVectorvoorstelling
00pk - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 1ms

○

\(x = 9\) geeft
\(7 + t = 9\)
\(t = 2\)
\(t = 2 \text{.}\)

1p

○

\(t = 2\) geeft \(y = 4 + 2 ⋅ 3 = 10 \text{.}\)

1p

○

\(10 ≠ 9 \text{,}\) dus \(A\) ligt niet op \(l \text{.}\)

1p

opgave 3

Gegeven zijn de lijnen \(k \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}1 \\ 4\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}4 \\ -2\end{pmatrix}\) en \(l{:}\,3 x - 3 y = 81 \text{.}\)

3p

Bereken de coördinaten van het snijpunt \(S\) van \(k\) en \(l \text{.}\)

SnijpuntVanVectorvoorstellingEnVergelijking
00pl - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 1ms

○

Substitutie geeft
\(3 (1 + 4 t) - 3 (4 - 2 t) = 81 \text{.}\)

1p

○

\(3 + 12 t - 12 + 6 t = 81\)
\(18 t - 9 = 81\)
\(18 t = 90\)
\(t = 5 \text{.}\)

1p

○

Invullen van \(t = 5\) in de vectorvoorstelling geeft
\(x = 1 + 5 ⋅ 4 = 21\)
en
\(y = 4 + 5 ⋅ -2 = -6\)
dus \(S (21 , -6) \text{.}\)

1p

opgave 4

Gegeven zijn de punten \(A (2 , 1)\) en \(B (5 , 3) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van het lijnstuk \(A\kern{-.8pt}B \text{.}\)

VectorvoorstellingBijLijnstuk
00pz - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

○

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{b} - \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}5 \\ 3\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}3 \\ 2\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

○

\(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}3 \\ 2\end{pmatrix} ∧ 0 ≤ t ≤ 1 \text{.}\)

1p

opgave 5

Gegeven is het lijnstuk \(\begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}7 \\ 4\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}-1 \\ -3\end{pmatrix} ∧ -2 ≤ t ≤ 4 \text{.}\)

2p

Bepaal de eindpunten van het gegeven lijnstuk.

EindpuntenVanLijnstuk
00q0 - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 6ms

○

\(t = -2\) geeft \(x = 7 - 2 ⋅ -1 = 9\) en \(y = 4 - 2 ⋅ -3 = 10 \text{,}\) dus \((9 , 10) \text{.}\)

1p

○

\(t = 4\) geeft \(x = 7 + 4 ⋅ -1 = 3\) en \(y = 4 + 4 ⋅ -3 = -8 \text{,}\) dus \((3 , -8) \text{.}\)

1p

opgave 6

Gegeven zijn de punten \(A (-3 , 7) \text{,}\) \(B (1 , -6)\) en \(C (-4 , 5) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van de lijn \(l\) door \(A \text{,}\) evenwijdig met \(B\kern{-.8pt}C \text{.}\)

VectorvoorstellingBijEvenwijdigheid
00q8 - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

○

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{BC} = \overrightarrow{c} - \overrightarrow{b} = \begin{pmatrix}-4 \\ 5\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}1 \\ -6\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-5 \\ 11\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

○

\(\overrightarrow{s} = \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}-3 \\ 7\end{pmatrix} \text{,}\) dus \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-3 \\ 7\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}-5 \\ 11\end{pmatrix}\)

1p

opgave 7

Gegeven zijn de lijnen
\(k \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-3 \\ -1\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix}\) en \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}0 \\ 1\end{pmatrix} + u ⋅ \begin{pmatrix}3 \\ 2\end{pmatrix} \text{.}\)

4p

Bereken de coördinaten van het snijpunt \(S\) van \(k\) en \(l \text{.}\)

SnijpuntVanTweeVectorvoorstellingen
00qm - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 96ms

○

[Gelijkstellen geeft]
\(\begin{cases}-3 + 2 t = 0 + 3 u \\ -1 + t = 1 + 2 u\end{cases}\) oftewel \(\begin{cases}2 t - 3 u = 3 \\ t - 2 u = 2\end{cases}\)

1p

○

\(\begin{cases}2 t - 3 u = 3 \\ t - 2 u = 2\end{cases}\) \(\begin{vmatrix}1 \\ 2\end{vmatrix}\) geeft \(\begin{cases}2 t - 3 u = 3 \\ 2 t - 4 u = 4\end{cases}\)

1p

○

Aftrekken geeft \(u = -1\) en dus \(u = -1\)

1p

○

\(u = -1\) geeft \(x = 0 + 3 ⋅ -1 = -3\) en \(y = 1 + 2 ⋅ -1 = -1 \text{,}\) dus \(S (-3 , -1) \text{.}\)

1p

"