Getal & Ruimte (13e editie) - havo wiskunde B

'De vergelijking van een lijn'.

3 havo 1.6 Vergelijkingen met twee variabelen

De vergelijking van een lijn (6)

opgave 1

Gegeven is de lijn \(l{:}\,14x+27y=63\text{.}\)

2p

Bereken de coördinaten van de snijpunten met de \(x\text{-}\)as en de \(y\text{-}\)as.

SnijpuntenMetAssen
00bi - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 0ms

Voor het snijpunt met de \(x\text{-}\)as geldt \(y=0\text{,}\)
\(14x+27⋅0=63\) geeft \(x=4\frac{1}{2}\text{,}\) dus \((4\frac{1}{2}, 0)\text{.}\)

1p

Voor het snijpunt met de \(y\text{-}\)as geldt \(x=0\text{,}\)
\(14⋅0+27y=63\) geeft \(y=2\frac{1}{3}\text{,}\) dus \((0, 2\frac{1}{3})\text{.}\)

1p

opgave 2

Gegeven is de lijn \(l{:}\,9x+y=5\text{.}\)

1p

Onderzoek of het punt \(A(8, -67)\) op \(l\) ligt.

LigtPuntOpLijn
00bj - De vergelijking van een lijn - basis - basis - 1ms

\(A(8, -67)\) invullen geeft \(9⋅8+1⋅-67=5=5\)
Klopt, dus \(A\) ligt op \(l\text{.}\)

1p

opgave 3

Gegeven is de vergelijking \(l{:}\,2x-8y=-4\text{.}\)

1p

Maak de variabele \(y\) vrij.

VariabeleVrijmaken
00bm - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 0ms

Herleiden geeft
\(2x-8y=-4\)
\(-8y=-2x-4\)
\(y=\frac{1}{4}x+\frac{1}{2}\text{.}\)

1p

opgave 4

Gegeven is de lijn \(l{:}\,-8x+by=69\text{.}\)

2p

Voor welke \(b\) gaat \(l\) door het punt \(A(-3, -5)\text{?}\)

CoefficientBijGegevenPunt (1)
00nj - De vergelijking van een lijn - basis - eind - 0ms

\(\begin{rcases}-8x+by=69 \\ \text{door }A(-3, -5)\end{rcases}\begin{matrix}-8⋅-3+b⋅-5=69\end{matrix}\)

1p

\(24-5b=69\)
\(-5b=45\)
\(b=-9\text{.}\)

1p

opgave 5

Gegeven is de vergelijking \(l{:}\,6x+3y=-7\text{.}\)

2p

Bereken de richtingscoëfficiënt van de lijn \(l\text{.}\)

RichtingscoefficientBerekenen
00nl - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 1ms

Herleiden naar \(y=ax+b\) geeft
\(6x+3y=-7\)
\(3y=-6x-7\)
\(y=-2x-2\frac{1}{3}\text{.}\)

1p

Dus \(\text{rc}_l=-2\text{.}\)

1p

opgave 6

Gegeven is de lijn \(l{:}\,-10x+6y=-15\text{.}\)

3p

Teken de grafiek van \(l\text{.}\)

Tekenen
00nm - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 0ms

\(x\)

\(0\)

\(1\frac{1}{2}\)

\(y\)

\(-2\frac{1}{2}\)

\(0\)

1p

-6-5-4-3-2-1123456-6-5-4-3-2-1123456Oxy

2p

havo wiskunde B 1.3 De vergelijking ax+by=c

De vergelijking van een lijn (4)

opgave 1

Gegeven is de formule \(l{:}\,y=2x-\frac{1}{2}\text{.}\)

2p

Schrijf de formule in de vorm \(ax+by=c\) met \(a\text{,}\) \(b\) en \(c\) gehele getallen.

FormuleNaarVergelijking
00bn - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 1ms

Uit \(y=2x-\frac{1}{2}\) volgt \(-2x+y=-\frac{1}{2}\text{.}\)

1p

Vermenigvuldigen met \(-2\) geeft
\(4x-2y=1\text{.}\)

1p

opgave 2

Gegeven is de lijn \(l{:}\,5x+9y=83\text{.}\)

2p

Voor welke \(a\) ligt het punt \(A(a, 7)\) op \(l\text{?}\)

GegevenXofYCoordinaat (1)
00nh - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 0ms

\(\begin{rcases}5x+9y=83 \\ \text{door }A(a, 7)\end{rcases}\begin{matrix}5⋅a+9⋅7=83\end{matrix}\)

1p

\(5a+63=83\)
\(5a=20\)
\(a=4\text{.}\)

1p

opgave 3

Gegeven is de lijn \(l{:}\,9x-6y=-15\text{.}\)

2p

Voor welke \(a\) is \((x, y)=(a, -8)\) een oplossing van de vergelijking van \(l\text{?}\)

GegevenXofYCoordinaat (2)
00ni - De vergelijking van een lijn - basis - midden - 0ms

\(\begin{rcases}9x-6y=-15 \\ (x, y)=(a, -8)\end{rcases}\begin{matrix}9⋅a-6⋅-8=-15\end{matrix}\)

1p

\(9a+48=-15\)
\(9a=-63\)
\(a=-7\text{.}\)

1p

opgave 4

Gegeven is de lijn \(l{:}\,9x-5y=c\text{.}\)

2p

Voor welke \(c\) gaat \(l\) door het punt \(A(-8, -2)\text{?}\)

CoefficientBijGegevenPunt (2)
00nk - De vergelijking van een lijn - basis - eind - 0ms

\(\begin{rcases}9x-5y=c \\ \text{door }A(-8, -2)\end{rcases}\begin{matrix}9⋅-8-5⋅-2=c\end{matrix}\)

1p

\(c=-72+10=-62\text{.}\)

1p

havo wiskunde B 7.1 Lijnen en hoeken

De vergelijking van een lijn (1)

opgave 1

Gegeven zijn de lijnen \(k{:}\,3x-5y=4\) en \(l{:}\,-9x+2y=6\text{.}\)

1p

Onderzoek of de lijnen samenvallen, evenwijdig zijn of snijden.

OnderlingeLigging
00bl - De vergelijking van een lijn - basis - eind - 1ms

\(-\frac{3}{9}≠-\frac{5}{2}≠\frac{4}{6}\text{,}\) dus de lijnen \(k\) en \(l\) snijden.

1p

"