Getal & Ruimte (13e editie) - vwo wiskunde C
'Statistische variabelen'.
| vwo wiskunde A | 2.2 Data verzamelen |
opgave 1Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe. 2p a Een manager van een kledingwinkel is bezig met de inkoop voor het nieuwe seizoen. Daarom heeft hij een maand lang, van ieder kledingstuk dat hij heeft verkocht, de kledingmaat genoteerd: extra small, small, medium, large of extra large. Klassificatie (1) 00le - Statistische variabelen - basis - 41ms a De variabele 'kledingmaat van kledingstuk' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt. 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p b In klas 4HB is per dag nauwgezet het aantal telaatkomers geregistreerd, bijvoorbeeld \(10\) of \(11 \text{.}\) Klassificatie (6) 00lf - Statistische variabelen - basis - 1ms b De variabele 'aantal telaatkomers per dag' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn. 1p ○ De variabele is discreet, omdat niet alle tussenliggende waarden mogelijk zijn. Zo is \(6{,}2\) geen mogelijke waarde voor het aantal telaatkomers. 1p 2p c In een vragenlijst over openbaar vervoer wordt gevraagd naar de woonplaats van de respondent, bijvoorbeeld Amsterdam of Almere. Klassificatie (2) 00lj - Statistische variabelen - basis - 0ms c De variabele 'gemeente van respondent' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt. 1p ○ De variabele is nominaal, omdat er geen logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p d In een vragenlijst wordt gevraagd naar het aantal boterhammen dat iemand per dag eet: 0, 1, 2, 3 of '4 of meer'. Klassificatie (3) 00lk - Statistische variabelen - basis - 0ms d De variabele 'aantal boterhammen per persoon' is kwalitatief, omdat de laatste waarde ('4 of meer') geen getal is; je kunt er immers niet mee rekenen. 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p opgave 2Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe. 2p a De concierge houdt van iedere leerling het kluisnummer bij, bijvoorbeeld 332 of 397. Klassificatie (4) 00ll - Statistische variabelen - basis - 0ms a De variabele 'nummer van kluis' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar getallen zijn maar geen hoeveelheid aangeven; je zult bijvoorbeeld ook nooit de gemiddelde waarde berekenen. 1p ○ De variabele is nominaal, omdat de waarden willekeurig zijn toegekend (met als enige doel om de kluis te kunnen identificeren) en er dus geen logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p b Bij een onderzoek naar nachtrust door een bedden discounter wordt de deelnemers gevraagd op een schaal van 1 tot 5 aan te geven hoe goed zij afgelopen week hebben geslapen: 1, 2, 3, 4 of 5. Klassificatie (5) 00lm - Statistische variabelen - basis - 0ms b De variabele 'beoordeling van de slaap van afgelopen week van deelnemer' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar een aantal voorstellen, maar een mening weergeven en dus niet objectief meetbaar zijn (het is een schaalvraag). 1p ○ De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele. 1p 2p c Een garagebedrijf houdt bij na hoeveel jaar de accu in een benzineauto vervangen moet worden, bijvoorbeeld \(11\) of \(54\) jaar. Klassificatie (7) 00na - Statistische variabelen - basis - 0ms c De variabele 'levenduur van accu in jaar' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn. 1p ○ De variabele is continu, omdat alle tussenliggende hoeveelheden gemeten zouden kunnen worden. 1p |