Parameterkrommen
0b - 7 oefeningen
|
EvenwijdigMetAs (1)
00qq - Parameterkrommen - basis - 1ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 3p Bereken de coördinaten van de punt(en) van de baan waarin de raaklijn evenwijdig is met de \(y \text{-}\)as. |
○ \(x'(t) = 2 t + 2\) 1p ○ [Evenwijdig met de y-as, dus] 1p ○ \(y'(-1) = -6 ≠ 0 \text{,}\) dus voor \(t = -1\) is de baan evenwijdig aan de \(y \text{-}\)as in het punt \((-1 , \frac{2}{3}) \text{.}\) 1p |
|
EvenwijdigMetAs (2)
00qt - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 4p Bereken de coördinaten van de punt(en) van de baan waarin de raaklijn evenwijdig is met de \(x \text{-}\)as. |
○ \(x'(t) = -2 t + 2\) 1p ○ [Evenwijdig met de x-as, dus] 1p ○ \(x'(-2) = 6 ≠ 0 \text{,}\) dus voor \(t = -2\) is de baan evenwijdig aan de \(x \text{-}\)as in het punt \((-8 , 10\frac{2}{3}) \text{.}\) 1p ○ \(x'(2) = -2 ≠ 0 \text{,}\) dus voor \(t = 2\) is de baan evenwijdig aan de \(x \text{-}\)as in het punt \((0 , -10\frac{2}{3}) \text{.}\) 1p |
|
HoekInZelfsnijpunt
00qr - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen De baan snijdt zichzelf voor \(t = -3\) en voor \(t = 1\) in het punt \((-12 , -3) \text{.}\) 5p Bereken de hoek \(\varphi \) waaronder de baan zichzelf snijdt. Geef je antwoord in graden en rond af op één decimaal. |
○ \(x'(t) = 6 t^{2} - 14\) 1p ○ \(\overrightarrow{v} (-3) = \begin{pmatrix}x'(-3) \\ y'(-3)\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}40 \\ 4\end{pmatrix}\) 1p ○ \(\overrightarrow{v} (1) = \begin{pmatrix}x'(1) \\ y'(1)\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-8 \\ -4\end{pmatrix}\) 1p ○ \(\cos(\varphi ) = {\begin{vmatrix}\begin{pmatrix}40 \\ 4\end{pmatrix} ⋅ \begin{pmatrix}-8 \\ -4\end{pmatrix}\end{vmatrix} \over \begin{vmatrix}\begin{pmatrix}40 \\ 4\end{pmatrix}\end{vmatrix} ⋅ \begin{vmatrix}\begin{pmatrix}-8 \\ -4\end{pmatrix}\end{vmatrix}} = {336 \over \sqrt{1\,616} ⋅ \sqrt{80}}\) 1p ○ \(\varphi = \cos^{-1}({336 \over \sqrt{1\,616} ⋅ \sqrt{80}}) ≈ 20{,}9\degree\) 1p |
|
RaaklijnOpstellen
00qu - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 5p Stel een vergelijking op van de lijn \(l\) die de baan raakt in het punt met \(t = -1 \text{.}\) |
○ \(x'(t) = -5\frac{1}{2} t - 11\) 1p ○ \(t = -1\) geeft het punt \((8\frac{1}{4} , -3) \text{.}\) 1p ○ [Voor de richtingsvector van \(l\) geldt] 1p ○ [Hieruit volgt] 1p ○ \(\begin{rcases}l{:}\,x + 5\frac{1}{2} y = c \\ \text{door } (8\frac{1}{4} , -3)\end{rcases} \begin{matrix}c = 1 ⋅ 8\frac{1}{4} + 5\frac{1}{2} ⋅ -3 = -8\frac{1}{4}\end{matrix}\) 1p |
|
SnijpuntenXas
00qo - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 3p Bereken de coördinaten van de snijpunten van de baan met de \(x \text{-}\)as. |
○ Snijpunt met de \(x \text{-}\)as betekent \(y(t) = 0 \text{,}\) dit geeft 1p ○ [Oplossen geeft] 1p ○ [De snijpunten met de \(x \text{-}\)as zijn dan] 1p |
|
SnijpuntenYas
00qs - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 3p Bereken de coördinaten van de snijpunten van de baan met de \(y \text{-}\)as. |
○ Snijpunt met de \(y \text{-}\)as betekent \(x(t) = 0 \text{,}\) dit geeft 1p ○ [Oplossen geeft] 1p ○ [De snijpunten met de \(y \text{-}\)as zijn dan] 1p |
|
ZelfsnijpuntAantonen
00qp - Parameterkrommen - basis - 0ms
|
Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B - 10.5 |
|
De baan van een punt \(P\) wordt beschreven door de bewegingsvergelijkingen 3p Toon aan dat de baan zichzelf snijdt in het punt \((20 , 10\frac{2}{3}) \text{.}\) |
○ [Oplossen van \(x(t) = 20\) geeft] 1p ○ \(y(-2) = 10\frac{2}{3} \text{,}\) dus \(t = -2\) geeft het punt \((20 , 10\frac{2}{3}) \text{.}\) 1p ○ \(y(4) = 10\frac{2}{3} \text{,}\) dus \(t = 4\) geeft ook het punt \((20 , 10\frac{2}{3}) \text{,}\) dus de baan snijdt zichzelf in dat punt. 1p |